Sinds begin 2009 geeft een ambtelijke regiegroep leiding aan het Nationaal
Uitvoeringsprogramma betere dienstverlening en e-overheid, kortweg NUP. Het NUP
is een bestuurlijk akkoord tussen de VNG, het IPO, de Unie van Waterschappen en
het Rijk. De regiegroep zet het NUP nadrukkelijk op de kaart en stuurt op
samenhang en implementatie van de basisinfrastructuur voor betere
dienstverlening.
Nico Schoof is voorzitter van de ambtelijke regiegroep, tevens lid van de
bestuurlijke regiegroep en als zodanig de linking pin. ‘Kern van het NUP is dat
de overheid haar dienstverlening aan burgers en bedrijven wil verbeteren met
behulp van een gemeenschappelijke ICT-infrastructuur. De afgelopen jaren zijn er
diverse initiatieven genomen om tot betere publieke dienstverlening te komen. Om
hierin focus aan te brengen is een deel daarvan in het NUP-akkoord terecht
gekomen. Dat zijn de negentien bouwstenen. En om te laten zien dat die
bouwstenen werken heeft het NUP zes voorbeeldprojecten uitgekozen. Vóór het
einde van het jaar willen we laten zien dat de bouwstenen en de
voorbeeldprojecten goed op elkaar aansluiten.’
Rob Evelo, secretaris van de ambtelijke regiegroep en projectleider van het
NUP, vult aan: ‘De bouwstenen en voorbeeldprojecten hebben elk hun eigen
aansturing. Maar ze hebben wel met elkaar te maken. Die verbindingen maakt de
regiegroep zichtbaar. Daarvoor hebben we een paar instrumenten, zoals de
halfjaarlijkse voortgangsrapportage, een integrale planning en het
issuesmanagement. Dat laatste houdt in dat elke overheidsorganisatie bij ons een
onderwerp kan aanmelden, waarvan hij signaleert dat de samenhang tussen de te
ontwikkelen bouwstenen nog onvoldoende is gerealiseerd. Wij beoordelen of dat
onderwerp binnen de NUP-operatie past en, zo ja, of het beleidsmatige of
bestuurlijk interventie van de regiegroep vraagt.’
Maar om bestuurders en beleidsmedewerkers te informeren over en te overtuigen
van nut en noodzaak van het NUP - volgens Schoof een lastig punt - is
communicatie het belangrijkste instrument: ‘Begin vorig jaar hebben we een
communicatiestrategie ontwikkeld. Die strategie heeft tot doel om focus en
samenhang van het NUP over het voetlicht te krijgen. De boodschap is dat het NUP
het gemeenten en andere overheidsorganisaties gemakkelijker maakt bij de
uitvoering van de door hen gestelde prioriteit van verbetering van de publieke
dienstverlening.’ Evelo: ‘Het NUP is inmiddels wel een begrip bij de
mede-overheden, dus in die zin werkt de communicatie.’
Schoof meent dat vooral de communicatieboodschap belangrijk is: ‘Het gaat in
de kern om de verbetering van de publieke dienstverlening. Administratieve
lastenverlichting is een politiek item, waartoe een bestuurder zich meer voelt
aangetrokken dan tot het NUP. Dat betekent dat we in onze communicatie uit de
ICT-hoek moeten en ons nadrukkelijk moeten richten op de mensen die met
dienstverlening te maken hebben. Het op orde brengen van je dienstverlening
betekent niet alleen beter gebruik maken van ICT, maar ook grondige
organisatorische veranderingen. Kortom, je hebt veel meer mensen nodig dan
alleen ICT-ers.’
‘Verder willen we het beeld van “zenden vanuit de Rijksoverheid” voorkómen’,
aldus Evelo. ‘Dat leidt tot weerstand. Daarom geven de VNG, het IPO, de Unie van
Waterschappen en het Rijk - de ondertekenaars van het akkoord en
verantwoordelijk voor het slagen van het NUP - die boodschap van het NUP zelf
aan hun achterban door. En overigens kan die achterban de koepels weer gebruiken
voor het uitwisselen van informatie met de regiegroep.’
De regie heeft al veel bereikt. Schoof: ‘We hebben inzicht en overzicht van
de stand van zaken gecreëerd, onder meer door het uitvoeren van een quick scan
op alle programma’s. Dat vergde veel tijd en energie. Maar we weten nu welke
bouwsteen samenhangt met andere bouwstenen om uiteindelijk tot afstemming te
komen. Daarom is de regiegroep nu veel beter dan een jaar geleden in staat om de
vinger op gevoelige plekken te leggen.’
Verder heeft de regiegroep in 2009 een belangrijke concrete mijlpaal bereikt.
‘We hebben de financiering van het beheer van het NUP afdoende weten te regelen.
Bovendien is een aantal NUP-bouwstenen gereed voor implementatie bij
mede-overheden en zo is het Dienstenloket, één van de zes voorbeeldprojecten,
succesvol van start gegaan.’
Is er zicht op het behalen van de doelstellingen, zoals die in het akkoord
zijn geformuleerd? Schoof: ‘Ik stel vast dat die doelstellingen buitengewoon
ambitieus waren. En ook dat we een heel eind gaan komen. Maar eind 2010 zijn we
niet klaar. Dat is geen ramp. We hebben steeds gesteld dat je een enorm complex
probleem nooit in twee jaar kunt oplossen. En wat niet af is gaat gewoon mee in
een vervolgproject, zeg NUP 2.0. Het hele proces van verbetering van publieke
dienstverlening en de rol die ICT daarbij speelt houdt immers nooit op. Het NUP
groeit dus mee.’
De ambtelijke regiegroep denkt intussen ook na over verbetering van de regie.
‘In de groep zitten nu twintig mensen. Daar is een reden voor. Er is een
verbinding tussen die mensen en die wil je behouden. Je hebt ze dus allemaal
nodig. Maar door de omvang is het wel lastig een hechte eenheid te vormen en
regie te voeren. Ik zoek naar strakkere sturing, duidelijker opdrachtgeverschap
en meer mandaten. Daar ligt mijn uitdaging’, zegt Schoof.
Evelo wil in 2010 verder meer aandacht besteden aan focus: ‘Het stelsel van
basisregistraties moet dit jaar bijvoorbeeld gaan werken. Een ander mooi
voorbeeld is de Berichtenbox, een krent uit de pap. Die stelt burgers en
bedrijven in staat om via een elektronische brievenbus persoonlijke berichten
van de hele overheid te ontvangen. Met het gebruik van de Berichtenbox door
gemeenten en de grote uitvoeringsorganisaties kan in 2010 een flinke stap worden
gezet en de dienstverlening aan burgers en bedrijven verder verbeteren.’
Schoof benadrukt nog maar eens dat verbetering van de publieke
dienstverlening voor alle overheden een van de grootste prioriteiten is. ‘De
betrouwbaarheid van de overheid wordt daaraan afgemeten. En wij beseffen terdege
dat ons werk in het politiek vizier staat.’ Evelo daarover: ‘De
kabinetsdoelstelling is een rapportcijfer 7 voor betere dienstverlening in de
keten. Daar zijn we nog niet, we hebben nog wel wat te doen. Alle ondertekenaars
van het akkoord spreken elkaar daarop aan.’
Schoof sluit af: ‘Onze communicatieboodschap helpt ons daarbij: dat het NUP
behulpzaam is bij het bereiken van de doelstellingen van alle overheden op het
gebied van betere publieke dienstverlening. Overheden moeten het NUP niet zien
als last maar als lust. Het is geen programma dat het Rijk over de schutting
gooit, maar een akkoord tussen overheden dat helpt hen efficiënter te laten
werken.’